Een voormalige scheepsbeschuitbakkerij wordt door een groep Engelse migranten gebruikt als ontmoetingsplaats. Deze groep migranten vormen de “Engelse afdeling” van de Nederlandse Waterlander doopsgezinden. Deze samensmelting geeft aanleiding tot het opstellen van de zogeheten “Korte belydenisse des geloofs”.
Locatie
Bakhuis
Amstel 122
Type
Schuilkerk
Religieuze gemeenschap
Doopsgezinde Kerk
Object
Kaart die de locatie toont waar Engelse doopsgezinden tot circa 1640 samenkwamen. Deze locatie wordt later gebruikt om armere gemeenteleden te huisvesten.
Maker en datering
Pieter Bast
1599
Bezichtigen
Het boek waarin de kaart is opgenomen is te bezichtigen in het Stadsarchief. Archiefnummer: KOG-AA-3-01-02-3
Engelse doopsgezinden in het Bakhuis: John Smyth, de “Korte Belydenisse des Geloofs” en de “Engelse afdeling” van de Waterlander gemeente
In 1608 verhuizen John Smyth en een groep andere Engelse migranten samen naar Amsterdam. Net als enkele andere Engelse puriteinen en separatisten zoeken zij religieuze tolerantie. Smyth, die eerder predikant is geweest in de Kerk van Engeland, wordt een Brownist. Eenmaal in Nederland gaat hij twijfelen aan de kinderdoop. Hij besluit zichzelf te dopen en doopt daarna Thomas Helwys en anderen die in zijn gemeente zitten.
Puriteinen
Ook bekend als Engelse calvinisten of Engels-gereformeerden. Veel puriteinen bleven in Groot-Brittannië, terwijl anderen in de vroegmoderne periode op zoek gingen naar meer godsdienstige tolerantie door naar Nederland en Amerika te reizen. Tegelijkertijd bleven velen kritisch tegenover andere Engelse minderheidsgroepen van separatisten of dissenters. Zo was John Paget, de eerste predikant van de English Reformed Church of Amsterdam, zeer uitgesproken in zijn kritiek op John Smyth, de Brownisten, de wederdopers en andere separatisten.
Brownisten
Een christelijke groepering, genoemd naar Robert Browne, die in het zestiende-eeuwse Engeland ontstond. Zij werden beschouwd als dissenters of separatisten. In de vroegmoderne periode migreerden sommige Brownisten van Engeland naar de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.
Kort na hun aankomst beginnen de Smythianen bijeen te komen in een gebouw dat eerder een bakhuis voor scheepsbeschuit voor de Compagnie van Verre (een voorloper van de VOC) is geweest. Vele gemeenteleden wonen ook in huisjes op het terrein. Tegen 1610 is het Bakhuis in handen van de Waterlands doopsgezinde koopman en scheepseigenaar Jan Munter van de Toren-gemeente. In die tijd is dit deel van de stad een redelijk goedkope buurt met een aantal huizen, pakhuizen en stokerijen.
Smyth en zijn volgelingen delen snel hun wens om formeel toe te treden tot de Waterlandse doopsgezinde gemeente. De predikanten Lubbert Gerritsz. en Reynier Wybrandtsz. halen medeleider Hans de Ries uit Alkmaar erbij om te helpen bij de vereniging. Zij stellen de Korte Belydenisse des Geloofs op als basis om hun gedeelde geloof te onderzoeken. Sommige Waterlanders hebben hun bedenkingen en Helwys spreekt zich duidelijk uit tegen de samenvoeging. Uiteindelijk gaat hij terug naar Engeland met een klein deel van de Engelse groep. Zij stichten daar de eerste Engelse baptistenkerk. Uiteindelijk, in 1615, een paar jaar na de dood van Smyth en Gerritsz. in 1612, verwelkomen de Waterlanders dertig Engelse leden in hun gemeente.
Waterlanders
Een groep Nederlandse dopers (mennonieten) die oorspronkelijk uit de Waterland-streek in Noord-Holland kwamen. De beweging verspreidde zich echter over andere regio’s. Daardoor verwees de naam niet langer naar een geografisch kenmerk, maar naar een specifieke subgroep binnen de mennonitische/dopersgezinde beweging. Na een scheuring in de jaren 1550 over kwesties rond de ban met strengere mennonieten, kozen de Waterlanders ervoor zichzelf doopsgezinden te noemen. In de loop der jaren gingen ook andere meer progressieve groepen binnen de mennonieten zich vaker doopsgezind noemen – al wordt de term in verschillende contexten afwisselend gebruikt.
Bekend als de “Engelse afdeling” van de Waterlandse gemeente, blijft de groep samenkomen in het Bakhuis onder leiding van Thomas Pigott. Pigott, die Smyth opvolgt, wordt in 1620 door ouderling Pieter Andriesz. Hesseling tot predikant bevestigd en dient tot zijn dood in 1639. Tegen die tijd is de taalbarrière voor het merendeel van de migranten geen groot probleem meer, en de gemeente begint de Nederlandse diensten in de Toren bij te wonen. De Waterlandse kerk neemt het eigendom van het Bakhuis over van rond 1640 tot 1709 en het pand wordt een doopsgezind huis voor armen.
Hoewel het Bakhuis zich snel in het doopsgezinde leven van Amsterdam integreert, blijven de vroegste gebeurtenissen rond Smyth en Helwys gevierd worden als belangrijke historische momenten onder de baptisten en andere groepen die de geloofsdoop praktiseren.
Waterlanders
Een groep Nederlandse dopers (mennonieten) die oorspronkelijk uit de Waterland-streek in Noord-Holland kwamen. De beweging verspreidde zich echter over andere regio’s. Daardoor verwees de naam niet langer naar een geografisch kenmerk, maar naar een specifieke subgroep binnen de mennonitische/dopersgezinde beweging. Na een scheuring in de jaren 1550 over kwesties rond de ban met strengere mennonieten, kozen de Waterlanders ervoor zichzelf doopsgezinden te noemen. In de loop der jaren gingen ook andere meer progressieve groepen binnen de mennonieten zich vaker doopsgezind noemen – al wordt de term in verschillende contexten afwisselend gebruikt.
Geloofsdoop
Ook bekend als volwassenendoop, is een doopsel dat pas wordt gedaan na een geloofsbelijdenis.
Oudste (doopsgezind)
Historisch gezien was dit de positie met de hoogste autoriteit binnen de doopsgezinde kerk, met gezag over een groot aantal gemeenten of conferenties. Oudsten hadden de bevoegdheid om te dopen, het avondmaal te bedienen, kerkelijke tucht toe te passen en predikanten te bevestigen. Ook mochten zij preken, wat ook door lokale predikanten werd gedaan.
In de Nederlandse context verdween deze rol geleidelijk in de achttiende eeuw, met de overgang naar het aanstellen van betaalde, in het seminarie opgeleide predikanten.
Nina Schroeder-van 't Schip
Kunsthistorica en doopsgezind erfgoedspecialiste Doopsgezind Amsterdam
Laatst bewerkt
25 maart 2026
Detail van een kaart met het Bakhuis in 1599. Claes Jansz. Visscher naar Pieter Bast, Amstelodamum urbs Hollandiae Primaria Emporium Totius Europae Celeberrimum (1617 5de uitgave). Collectie Koninklijk Oudheidkundig Genootschap, Stadsarchief Amsterdam. KOG-AA-3-01-02-3.
Mogelijk portret van John Smyth, onbekende maker, onbekende datering. Via Wikimedia, CC BY-SA.
Titelpagina van een latere uitgave van Hans de Ries en Lubbert Gerritsz., Korte belydenisse des geloofs der voornaamste stukken der christelijke leere, voor het eerst geschreven in 1610 (Amsterdam 1716).
Claes Jansz. Visscher naar Pieter Bast, Amstelodamum urbs Hollandiae Primaria Emporium Totius Europae Celeberrimum (1617 5de uitgave). Collectie Koninklijk Oudheidkundig Genootschap, Stadsarchief Amsterdam. KOG-AA-3-01-02-3.
Portret van Lubbert Gerritsz. (1535-1612), atelier van Michiel Jansz van Mierevelt, na ca. 1607, olieverf op paneel. Collectie Rijksmuseum Amsterdam. SK-A-762.
Sprunger, Keith L., en Mary S. Sprunger, “The Church in the Bakehouse: John Smyth’s English Anabaptist Community at Amsterdam, 1609-1660,” in: Mennonite Quarterly Review, 85 (2011) 219-258.
Sprunger, Keith L., Dutch Puritanism: A History of English and Scottish Churches of the Netherlands in the Sixteenth and Seventeenth Centuries (Leiden 1982).
De Hoop Scheffer, J.G., “De Brownisten te Amsterdam gedurende den eersten tijd na hunne vestiging, in verband met het ontstaan van de broederschap der Baptisten,” in:Verslagen en Mededeelingen van de Koninklijk Academie van Wetenschappen afd. Letterkunde (1881) 348-349.
Koop, Karl, Confessions of Faith in the Anabaptist Tradition: 1527-1660 (Kitchener 2006) 135-156.
Lee, Jason K., The Theology of John Smyth: Puritan, Separatist, Baptist, Mennonite, (Macon 2003).
De Ries, Hans en Lubbert Gerritsz, Korte belydenisse des geloofs der voornaamste stukken der christelijke leere (Amsterdam 1716).
Online bronnen
Stadsarchief Amsterdam: Amstelodamum urbs Hollandiae Primaria Emporium Totius Europae Celeberrimum (5e uitgave)
Laatst gecontroleerd 04-03-2026
Rijksmuseum: Portret van Lubbert Gerritsz (1535-1612)
Laatst gecontroleerd 04-03-2026







